Toen mijn jeugdvrienden besloten naar Costa Rica te komen vroegen ze me hen te verrassen met een verblijf op een bijzondere plek waar ze konden zwemmen in de vrije natuur en wandelen, liefst buiten het gangbare toeristische circuit. . Ik nam ze mee naar het Karen Mogensen Reservaat, een onbekende parel op het schiereiland van Nicoya in het noord-westen van Costa Rica. In dit gebied komen avontuur, rust en mooie wandelingen door de spectaculaire natuur samen. In het reservaat ligt de Cerro Escondido Lodge waar we twee nachten zullen verblijven.
De naamgever van het reservaat was een Deense natuurbeschermer van het eerste uur. Mede dank zijn haar inspanningen werd het eerste stukje Costa Rica beschermd: Natuurreservaat Cabo Blanco, dat ook op het schiereiland van Nicoya ligt. Het Karen Mogensen-reservaat volgde in 1996, opgericht met het specifieke doel om de waterbronnen in dit gebied beschermen en een tegenwicht te bieden aan de enorme ontbossingen die plaatsvonden in Costa Rica in de jaren ’70 em ’80 van de vorige eeuw.
Het resultaat na jaren van natuurherstel is ongekend en biedt hoop dat het mogelijk is om de natuur weer terug te brengen op plaatsen waar die ooit verdwenen was:: de eens kale heuvels zijn inmiddels begroeid met inheemse bomen en planten. De biodiversiteit is weer helemaal teruggekeerd en er komen zelfs katachtigen in het gebied voor.
Onzde avontuurlijke tocht naar het reservaat start in Puntarenas, een visserstadje dat aan de Golf van Nicoya ligt. Hier nemen we de veerboot naar het schiereiland Nicoya. De situatie bij de terminal is altijd een beetje chaotisch. In welke rij moeten we staan? Waar dient dat plastic kaartje voor dat we overhandigd krijgen? Waarom is het loket waar we geacht worden te betalen dicht? Maar zoals altijd komt het ook weer goed en varen we in ruim een uur over de magnifieke golf van Nicoya naar het schiereiland.
Bij het dorpje Lepanto geven we de bagage af die in een buggy naar de Lodge Cerro Escondido gebracht wordt. Wij zelf rijden verder over steeds smaller wordende gravelweggetjes naar de plek waar het wandelpad start. We doorkruisen twee riviertjes (die nog vol staan: de regentijd is pas sinds kort afgelopen) en dan parkeren we onze auto veilig bij de gebroeders Rojas.
De duisternis valt vroeg in december. We moeten tempo maken. Het pad gaat omhoog, de rivier steken we meerdere keren over. Ergens halverwege houden we toch even halt bij een poel in het kristalheldere water. Zwemmen. Dat moet gewoon. Daarna snel verder, de nachtgeluiden van het woud sluiten zich om ons heen. Geen sinistere geluiden maar eerder een bevestiging: dit is een levend ecosysteem.
We moeten haast maken want de duisternis valt in. Te voet steken we verschillende malen de rivier over maar kunnen het niet laten om even te zwemmen in een poel in het heldere water. Daarna snel weer verder en na een uur klimmen bereiken we, begeleid door de nachtelijke geluiden van het woud, ons eindpunt. Als beloning krijgen we een grote moot watermeloen, dé dorstlesser bij uitstek.
Cerro Escondido bestaat uit niet meer dan vijf ‘cabinas’, allemaal midden in het woud en een groot terras om daarvan te genieten. De inrichting is simpel: er is geen warm water bijvoorbeeld (gezien de heersende temperaturen ook niet echt nodig). Een lokale familie kookt alle maaltijden tijdens ons verblijf. Onze gids Alexander, die ons tijdens de wandelingen begeleidt, completeert de staf.
In de ochtend worden we in alle vroegte gewekt door een kakafonie van geluiden: met name de vogels hebben er zin in vandaag. Na het ontbijt maken we een wandeling van ruim drie kilometer naar een punt met overweldigend uitzicht over de Golf van Nicoya. We verwonderen ons over de herstelkracht van de natuur: het is bijna niet te geloven dat de plek waar we nu lopen 25 jaar geleden nog weiland was waar de vleeskoeien graasden
Terug in de herberg lijkt de tijd veel trager te gaan dan normaal. Het lijkt alsof we veel meer in het hier en nu leven. Daar springt een eekhoorn van de hak op de tak. De kokkin vertelt dat haar dochter morgen een proefwerk op school heeft. De kat vraagt aandacht. De uren glijden voorbij in harmonie.
Aan het einde van de middag als de temperaturen iets gezakt zijn maken we een tweede wandeling. We lopen naar een platform waar we een panoramisch overzicht over het schiereiland en de Golf van Nicoya hebben. Ook hier weer adembenemende vergezichten. Als de zon zijn laatste stralen uitwerpt zweven twee Koningsgieren vlak over onze hoofden en landen op een tak niet ver van ons vandaan. De nacht valt en we liggen zwijgend tegen de tegen de leuning aan. Langzaam maar zeker openbaart zich een sterrenhemel zo schitterend als in de schilderijen van Van Gogh.
Terug in de Lodge is er alweer heerlijk voor ons gekookt en we genieten van de traditionele maaltijd, de koelte van de nacht en de geluiden van het woud die ons begeleiden.
De mooiste route is misschien wel de alternatieve route die we nemen als we teruglopen. Deze gaat door rivierbeddingen heen en het is dan af en toe wel even uitkijken waar je loopt. We komen op een punt waar drie rivieren, die in dit gebied ontspringen, samenkomen. We lopen langs en door het kristalheldere water tot het punt waar het water in al zijn hevigheid naar beneden begint te kletter: de waterval ‘vela de novia’ (bruidsjurk). We lopen naar beneden om de waterval van onderaf in al haar volle glorie te kunnen bewonderen. De heldere poelen nodigen uit om te gaan zwemmen, wat we uiteraard doen. Verfrist door het koele water komen we weer aan bij het huisje van de gebroeders Rojas. We nemen afscheid van onze gids, stappen on onze auto en rijden, een heerlijke ervaring rijker, naar onze volgende bestemming.